Incidentie

Incidentie van botcomplicaties

Dankzij verbetering van behandelmethoden wordt de overleving van patienten met kanker steeds langer. Daarmee neemt het risico op het ontwikkelen van een botcomplicatie toe. Immers, hoe langer er sprake is van botdestructie ter plaatse van de botmetastase, hoe groter de kans op een botcomplicatie.
Bij patiënten met ossaal gemetastaseerde ziekte komen botcomplicaties daardoor veel voor. Uit studies blijkt dat de mediane tijd tot het ontwikkelen van een eerste botcomplicatie varieert van vijf tot vijftien maanden. Over verschillende tumortypen samen wordt ongeveer de helft van de patiënten binnen twee jaar geconfronteerd met een botcomplicatie. Het is niet precies bekend welke risicofactoren patiënten hebben die wel of geen botcomplicatie krijgen. Uit onderzoek blijkt wel dat patiënten die een botcomplicatie hebben gehad, vaak sneller een volgende krijgen.

Botmetastasen bij borst- en prostaatkanker

Patiënten met gevorderde borst- of prostaatkanker hebben, of ontwikkelen in 65-75% gevallen botmetastasen. Deze kunnen op grond van hun radiologisch beeld osteolytisch, osteoblastisch of gemengd zijn. De meeste patiënten met borstkanker hebben osteolytische of gemengde laesies. Bij patiënten met prostaatkanker zijn de botmetastasen vaker osteoblastisch van aard, maar is er vaak ook sprake van sterke osteolytische activiteit.

Referenties
  1. Lipton A, et al. Cancer. 2000;88:1082-1090.
  2. Saad F, et al. J Natl Cancer Inst. 2002;94:1458-1468.
  3. Rosen Ls, et al. Cancer. 2004;100:2613-2621.
  4. Vadhan-Raj S, et al. Ann Oncol. 2012;23:3045-3051.
  5. Coleman RE. Cancer. 1997;80(suppl 8):1588-1594.
  6. Coleman RE. Cancer Treat Rev. 2001;27:165-176.
  7. Roodman GD. N Engl J Med. 2004;350:1655-1664.